Kamperen

De boot was nog niet vaarklaar, de vakantie was nog ver weg en toen stelde ik Meneer K:)dootje voor een lang weekend te gaan kamperen.

Sindsdien grijnsde hij*. En maakte hij lijstjes en stapels. De laatste keer dat we kampeerden was 2004, dus, eh, even geleden.

Vorig jaar kocht Meneer een simpele tent, omdat hij een groepje jongeren begeleidde bij een kampweekend. Die tent voldoet prima voor een korte vakantie zoals we nu in gedachten hadden, dus dat was alvast het eerste afgevinkte item van de lijst. De stoeltjes werden uit de schuur gehaald en de tafel van zolder: vorige zomer nog gebruikt in de woonkamer toen de meubels vanwege de verbouwing in de opslag zaten. Toen het hele lijstje afgevinkt was, was de gang volledig onbegaanbaar en waren er spullen van zolder gekomen waarvan ik niet (meer) wist dat we ze hadden. Overbodig om te zeggen dat we dus goed uitgerust (qua spullen) op vakantie gingen.

Behalve het idee als zodanig om te gaan kamperen, had ik ook bedacht waar we heen zouden kunnen: Langbroek en Groningen. Twee keer op visite, en wat rondkijken in de omgeving. Ik zocht, niet gehinderd door al teveel voorkennis, twee volgens mij kleine campings uit. Meneer leek het ook wel wat en de campings werden geboekt.

Eerst twee nachtjes op Camping Strosteeg bij Langbroek. We kwamen pas laat aan vanwege een onverwacht tandartsbezoekje, maar dat was geen probleem.

Wat is het daar leuk!

Een heerlijke kleine camping met zo’n zes plaatsen. Geweldig vrij uitzicht de polder in en fijne voorzieningen, vooral ook als je met de fiets of al wandelend op pad bent en dus niet alles zelf mee kunt nemen. Zelfs een volledig imgerichte, overdekte kookplaats met eettafel.

Wij hadden onze keuken zelf mee.

Het is netjes en verzorgd, maar zeker niet aangeharkt. Juist met allemaal rommelige hoekjes, heel leuk. En veel vogels!

Donderdagmiddag zouden we op visite, dus donderdagmorgen konden we de omgeving in. Tegenover de camping begint het bos, dat leek ons wel wat. Meneer vond een kaart en een wandelroute, en uiteindelijk liepen we zowel over de Limes, als langs de Hollandse Waterlinie. We kwamen door Werkhoven en Odijk en haalden zéker ons stappenquotum.

Limes

De omgeving is heel mooi, heel oud land en ook duidelijk van oudsher een rijk gebied. Veel landhuizen of kastelen en grote boerderijen.

Eind van de middag hadden we afgesproken in Langbroek, om bij Manda op bezoek te gaan.

We waren ietsje later…

Dat was erg leuk. Eerst liepen we nog een (klein) rondje langs het ooievaarsnest mét twee jongen en door het schattige centrum van Langbroek. Daarna had Manda een heerlijke ovenschotel voor ons klaargemaakt en hebben we haar nieuwe huis bekeken.

De volgende morgen na het inpakken en opruimen gingen we nog eens bij Manda op bezoek, maar nu in Driebergen: bij Boekhandel Jacques Baas, de boekwinkel die ze dit voorjaar overnam toen ze De Koperen Tuin in Goes verkocht.

Ik vergat foto’s te maken, want ja, boekwinkel… We kochten wel boeken en lunchten heerlijk op het terras.

Ik bracht nog een bezoekje aan de overburen: Trollenwol en kocht daar voor Lies (en voor mezelf…) Arwetta.

Daarna reden we naar Ellerhuizen, net boven Groningen. Ook weer een leuke camping, ietsje groter deze keer: 2bunders

Gezellige buurkippen
Zwaar, dat kamperen.

Gelukkig hadden we gepland zaterdag in Groningen door te brengen, want het regende werkelijk de hele dag. Echt Hollands zomerweer: koud en nat.

We bezochten natúúrlijk Juffrouw Lanterfant.

Maar: eind van de middag ook hier weer een heel gezellig bezoekje afgelegd: bij Vrouw Haaksma en de Kaptein. Eindelijk zagen we de noordelijke kattenbende (Lola en Laci) in het echt.

Vanwege aanhoudende nattigheid belandden we voor het eten uiteindelijk in Bedum bij een Italiaans restaurant, waar we prima gegeten hebben.

Moeke Vaatstra

En toen we zondag alles hadden ingepakt om naar huis te gaan, stopte het met regenen en ging de zon schijnen. Uiteraard.

Nou ja, eenmaal thuis waren de kampeerspullen zó droog. Opruimen duurde iets langer…

O, en we zullen vast nog wel vaker zo op ‘stedentrip’ gaan, het beviel ons prima!

*Meneer was vroeger bij scouting. Eerst als deelnemer, daarna als leiding. Onze eerste vakanties samen gingen we ook kamperen. Daarna kochten we een boot en kwam het er niet meer van.

Tuinadoptie

Lies en Yep hebben een Volkstuin. Met een hoofdletter, want van serieus formaat. En met een geweldige ligging, dat ook.

Uit zo’n tuin komt, mits je het eerst zaait en plant natuurlijk, een boel lekkers. Al jaren delen wij in dat lekkers, waarvoor we tot nu toe weinig anders deden dan het klaarmaken en opeten. Dat evonden we niet meer in verhouding, dus stelden we voor een deel van de werkzaamheden te adopteren. De reactie op het voorstel was ‘graag!’, dus nu zijn we adoptietuiniers.

Ik groef kuilen.

Gisteravond gingen we nog even naar de tuin. Meneer K:)dootje hielp met de jaarlijkse strijd ‘Yep tegen net en kersenboom’ (ze wonnen, uiteraard), ik groef kuilen.

Dat deed ik op de plaats waar nog oude aspergeklauwen (ik heb het niet verzonnen) in de grond zaten. Die kon ik er dan mooi meteen uithalen. Dat ik meteen ook drie mierennesten uitgroef was ook niet verkeerd, gezien de hoeveelheid daarvan in de gehele tuin.

De associatie met klauwen heb ik nog niet helemaal, ik vond het meer dikke spaghetti. Hoe dan ook: het is een flinke berg wortels, en de grond is daar weer klaar voor iets anders.

En ik kon meteen ‘sporten’ afstrepen van mijn te-doen-lijstje van gisteren…

Zei ik al dat de ligging geweldig is?

Tomaten

Ik schreef al eerder dat we fan zijn van Too Good To Go hier thuis. We vinden het niet alleen fijn dat er daardoor minder eten wordt weggegooid, daarnaast vinden we het ook heel leuk om maaltijden te verzinnen met de verrassingsboodschappen. Het enige nadeel is de gestegen hoeveelheid plastic verpakkingen in huis.

Dat we dat enthousiasme kunnen delen met Lies en Yep maakt de lol nog groter. Regelmatig gaan er foto’s over en weer van de resultaten.

En regelmatig appen we ‘er zijn boxen bij …’ of ‘zullen we een box van … delen?’. Afgelopen vrijdag belde Lies: ‘ik moet morgen werken, maar ik zie dat Kwekerij De Noordhoek tomatenboxen heeft. Willen jullie ook en kun jij er eventueel om?’ Dat kon.

We besloten een box te delen. En dat was, achteraf gezien, een slecht idee. Nu hadden we allebei maar drie kilogram heerlijke, rijpe, smaakvolle tomaten… 😊

En na een heerlijke tomatensoep zondag (in mijn geval met dank aan Meneer K:)dootje), meerdere lunches met een hoog tomatengehalte (wat zijn ze lekker!) en een ovenrek vol drogende tomaatjes, zijn ze al bijna op. Ik heb nog helemaal geen pastasaus gemaakt!

‘Zongedroogde tomaatjes uit de oven’ 😜

De gedroogde tomaatjes zijn heerlijk. Ik vrees dat ze een populaire snack worden hier thuis. Het restant van de tomaten ga ik vandaag dus ook maar drogen. Dan kunnen we even vooruit.

Joep

Op 27 december hebben we afscheid moeten nemen van onze lieve, gekke, Juul. Groentekat. Na bijna zeventien jaar gekkigheid, kattenkwaad, overal haar en veel liefde was dat een hard gelag. De Juulvormige leegte in ons huis is dan ook veel groter dan Juul ooit was.

Dag lieve Juultje

Zonder Juul vonden we het allebei kaal, saai en leeg in huis. Gezien de hoeveelheid spullen in ons huishouden best een prestatie…

Omdat ik er echt he-le-maal niks aan vond (Meneer K:)dootje was iets minder uitgesproken), ben ik na een week al naar het asiel gegaan om te kijken naar de katten daar. Er waren er veel. Er was nog niet zolang daarvoor een grote groep katten binnengebracht die bij één mevrouw hadden gewoond. Allemaal vrij jonge katten, allemaal op zijn best erg verlegen.

Dit was er een van. Foto van de website van het asiel.

Hoewel hij het spannend vond dat ik kwam kijken, was hij ook wel erg nieuwsgierig naar wat er gebeurde. Dat vind ik leuk. En dat koppie is toch om te smelten?

We hadden die avond nog een nieuwjaarsborrel met de straat bij ons thuis, dus veel te druk voor een kat die aan zijn nieuwe huis moet wennen. Zeker een kat met zo’n voorgeschiedenis. We spraken daarom af dat ik hem de volgende dag op zou halen. Als Meneer K:)dootje het ook goed vond uiteraard.

Gelukkig vond hij dat. Dus toen het éindelijk de volgende dag was, haalde ik Joep op. De dames van het asiel moesten flink hun best doen om hem te pakken te krijgen. Er kwamen flink wat nagels en handschoenen aan te pas. Maar uiteindelijk zat hij in zijn kooitje en mocht hij mee naar huis.

Zoveel mogelijk deuren dicht, zodat hij niet te ver weg kon kruipen en de nieuwe ruimte voor hem ook niet meteen heel groot zou zijn. Hij maakte de ruimte zelf wel heel klein: hij bleef lekker in zijn kooitje zitten.

Toen we ‘s avonds thuiskwamen zat hij achter het gordijn:

Hij had keurig zijn brokjes gevonden en opgegeten en was op de bak geweest. En nu zat hij veilig achter het gordijn. Maar ja, dat ging natuurlijk weer open, de volgende dag. Na wat zoeken voor hem (en hem uit de meest onmogelijke berging op zolder plukken voor ons) besloot hij uiteindelijk na een paar dagen zijn intrek te nemen in de bijkeuken, achter de wasmachine.

Ja, dat ziet er ongezellig uit, op z’n minst. Maar hij voelde zich er veilig, kennelijk. Hij bleef goed eten en drinken. En we zagen dat hij ‘s nachts het huis verkende. Af en toe hoorden we hem ook rondscharrelen, zelfs op de slaapkamer.

Hij vond een slaapplek voor ‘s nachts.

En langzaam gingen we hem af en toe zien. Eerst alleen als het buiten donker was.

En als we dan bewogen, schoot hij weer veilig achter z’n vriezer (dat bleek fijner dan de wasmachine, ze staan naast elkaar).

Beetje bij beetje komt hij nu tevoorschijn. Nog steeds wil hij het liefst in de bijkeuken en de keuken wonen, maar z’n excursies worden steeds ruimer en de gang is ook al bijna veilig gebied, net als de deuropening naar de woonkamer. Inmiddels weten we ook wat zijn hobbies zijn: aaien, in de zon liggen en spelen. Middenin de nacht rechtop in bed zitten omdat het klinkt alsof de keuken verbouwd wordt: met regelmaat. Hij is een echte jongen, voetbal is z’n lievelings. En dat balletje gaat dus de hele keuken door.

De deksel van de wasmand is al gesneuveld…

Aaien doet hij het liefst tot hij kaal is. Als wij hem niet aaien regelt hij het zelf door langs onze benen te wrijven. Je kunt geen stap zetten in de keuken, want dan struikel je over hem. Als we te lang naar zijn zin niet in de keuken zijn geweest, roept hij. Met een heel hoog miewtje. Miauwen mag het niet heten. En zijn geronk als je hem aait, kun je in de woonkamer horen.

We komen er wel, Joep en wij.

Wie wil er nou geen vriendjes met hem worden?

Ukeleleslaapzak

Ik heb al een paar jaar een ukelele, een sopraan. Voor mij prima, met piano-ervaring (en hypermobiele handen, weet ik inmiddels) kunnen mijn vingers de vereiste bochtjes wel maken.

Zingen is niet mijn sterkste punt, maar ik vind het wel leuk om te doen. En als ik zachtjes zing en erbij op de ukelele speel, valt het best mee. Toch doe ik het vooral als ik alleen thuis ben, al mag Meneer K:)dootje inmiddels wel meeluisteren. Hoewel hij écht kan zingen, levert hij gelukkig geen commentaar op mijn zangkunsten.

Omdat hij de ukelele stiekem ook wel leuk vond, kocht Meneer K:)dootje er onlangs ook een. Een concert-model, ietsje groter dus. Niet alleen is Meneer K:)dootje een stuk groter dan ik, zijn vingers zijn ook iets minder ingesteld op bochtjes.

Nu hebben we er dus twee, en kunnen we inmiddels ook al een beetje samen spelen. Zolang ik het zingen vooral aan Meneer overlaat klinkt het nog goed ook. Als ik wel meezing is het wél leuk, maar niet voor publiek ;).

Mijn mini-uke kwam destijds met een tas. Die van Meneer niet. Omdat het formaat van een ukelele maakt dat je hem makkelijk meeneemt, is een tas wel handig. Want zonder jas naar buiten is niet zo goed voor de stem(ming) van de ukelele. Om het gebrek aan een tas op te lossen ging ik naar de markt en kocht stof. Appelgroene fleece en glimmend donkerblauw. En maakte een slaapzak. Met een handvat, dat wel.

Niet weggooien!

Een tijdje geleden las ik ergens over Too Good To Go, een initiatief om voedselverspilling tegen te gaan.

Via een app laten winkels weten dat ze producten hebben die tegen de uiterste verkoop- of gebruiksdatum aan zitten. De winkels maken pakketten van hun producten en via de app kun je zo’n pakket kopen. De waarde van de producten in het pakket is ongeveer het drievoudige van de prijs die je betaalt.

Het leek me leuk om eens te proberen, dus ik installeerde de app. Gelukkig bleken hier in Goes ook al veel interessante winkels mee te doen.

Het is even uitzoeken hoe je daadwerkelijk een pakket kunt kopen, want ze zijn erg gewild! De meeste winkels zijn binnen een kwartier nadat ze hun pakketten hebben aangeboden al uitverkocht, sommige zelfs in een paar minuten. Betalen van je pakket gaat via iDeal, heel makkelijk.

Afhankelijk van wat de betreffende winkel aangeeft, kun je de volgende dag of soms al dezelfde dag je pakket ophalen. De tijden waarop dat kan zijn goed aangegeven en de app geeft je een herinnering als het bijna tijd is. De winkel moet in de app op jouw telefoon bevestigen dat je je pakket hebt opgehaald.

Tot nu toe hebben we hier al een heleboel voedsel van de vuilnisbak gered:

Een enorme hoeveelheid brood en broodjes van onze vaste bakker. Gelukkig hebben we een vriezer. We zijn inmiddels al drie weken niet meer naar de bakker geweest.

Biefstukken, tonijnsalade, pepersaus, hollandaisesaus en vleeswaren van Hema.

Een week later weer vleeswaren, broodjes, een desembrood en karnemelk van Hema.

Van Hema hadden we ook nog een pakket met vleeswaren, eierkoeken, een afbakstokbrood en chocolaatjes, maar daarvan maakte ik geen foto.

En vandaag haalde ik bij de Jumbo (in Kapelle, die in Goes doen (nog?) niet mee) shoarma, peultjes, worteltjes, tompoucen, een korianderplantje en filet americain op.

Wij zijn maar met z’n tweeën, dus veel dingen gaan meteen de vriezer in om in de loop van de week (of later, zoals het brood en nu de vier pakjes vleeswaren) op het menu te komen. En sommige dingen eten we natuurlijk wel meteen op. Tot nu toe heeft het allemaal prima in onze (redelijk flexibele) maaltijdplanning gepast, zodat we echt niks hebben hoeven weggooien.

En dat we nu wel vleeswaren eten terwijl we die bijna nooit meer kochten om minder vlees te eten? Ik vind het veel vervelender als het helemaal voor niks geproduceerd is, omdat het weggegooid wordt.

Het is bij ons nu een onderdeel geworden van het programma, af en toe een box kopen om zo voedselverspilling tegen te gaan. Dat ik vrij flexibele werktijden heb is daarbij wel erg makkelijk, want de ophaaltijden van de boxen zijn meestal tijdens ‘kantooruren’.

En als het heel veel is, zoals de vijf kilogram appels en peren die Lies bij Zeeuws Groen kocht? Dan delen we! Dus nu ga ik even tompoucen brengen bij Lies en Yep.

Keukenstapel

Ik schreef hier al een paar keer over onze pogingen minder afval te veroorzaken. Op zichzelf gaat dat best aardig. Ondanks een verbouwing met bijbehorende hoop vuilnis heeft onze grijze bak vorig jaar maar vijf keer aan de straat gestaan om opgehaald te worden. En brengen we, in elk geval voor mijn gevoel, minder vaak een volle zak naar de plasticcontainer.

De uitdaging voor dit jaar is natuurlijk om de grijze container nog minder vaak aan de straat te zetten. Ik hoop op één keer, maar met een kat in huis weet ik wel dat dat niet reeël is.

In elk geval deed ik vandaag weer iets wat hopelijk bijdraagt aan minder afval: ik maakte een keukenstapel.

Het is geen weer (licht) om briljante foto’s te maken, maar dit is dus een stapel lapjes ter vervanging van de keukenrol. Losse lapjes oprollen gaat niet zo best, vandaar dat ik ze tissuegewijs heb gevouwen.

Omdat een stapel losse lapjes in de keuken me minder handig lijkt, deed ik ze (voorlopig) in een oude broodtrommel. Ik zoek nog verder naar een wat vrolijker bakje.

Als ze bevallen, maak ik er nog een setje bij. Dat is namelijk zo gebeurd: een grote hydrofieldoek van Zeeman (1,20m x 1,20m) en een kartelschaar is alles wat ik gebruikte. Vooruit, ook nog een meetlint, om lapjes van min of meer dezelfde grootte te krijgen.

Natuurlijk zou ik de lapjes éigenlijk netjes horen af te zomen, en ik zie ook regrlmatig voorbeelden voorbij komen waarbij twee lagen op elkaar zijn genaaid zodat je geen ‘verkeerde’ kant hebt, maar ik denk dat het zo ook wel werkt. Het zijn tenslotte lapjes die bedoeld zijn om vies te worden, niet om mooi te zijn.

We gaan in elk geval hopelijk weer minder afval maken met deze keukenstapel!

Nieuwe jurk

Ergens vorig voorjaar kocht ik een lap stof die een jurk ging worden.

Zoals dat soms gaat, werd de stof dit weekend een jurk.

Eindelijk.

(foto-eer: Meneer K:)dootje)

Een wikkeljurk, het patroon stond ooit eens in La Maison Victor* en heet Elisa.

Het stofje komt van de markt en meer weet ik er niet meer van. Ja, dat mijn naaimachine het bij het begin van een naad graag opeet. Door een stukje patroonpapier mee te naaien aan het begin van elke naad of als er een andere naad werd gekruist, was dat gelukkig verholpen.

Het was geen heel erg ingewikkeld (pun intended) patroon, maar uiteraard was ik er desondanks een hele middag mee bezig. Met het naaien, het patroon raderen en de stof knippen deed ik vrijdag en zaterdag al.

En nu mag ik op de bank hangen. Met een boek. Of een breiwerk… 😉

*nummer 4 van 2014

Blauw!

Na een paar dagen het spelletje bril-op-bril-af op kantoor bleek uit de oogmeting van de opticien dat nieuwe glazen een goed idee waren.

Omdat ik mijn bril al bijna zes jaar had, was het advies een nieuw montuur te kiezen. Als mijn kunststof montuur zou sneuvelen bij het inzetten van de nieuwe glazen, waren er geen onderdelen meer te bestellen en zouden de nieuwe glazen ook meteen waardeloos zijn.

Afijn, samen met mams een nieuw montuur gekozen (dat vind ik niks, in mijn eentje), met als commentaar van de opticien: ‘ga je vreemd?’.

Mijn nieuwe bril is namelijk Blauw.

En ik had dus zes jaar Rood

Vanmorgen kreeg ik bericht dat mijn nieuwe bril al klaar was. Ik was al in de stad, dus meteen opgehaald natuurlijk.

En nu moet ik wennen. Aan het blauwe in plaats van het rode randje om mijn beeld. En aan het prisma, dat ik eerst niet had.

Dit is mijn gebruikelijke zelfie-blik. Zien jullie meteen waarom ik geen zelfies maak.

Dank je wel voor de snelle service Optiek De Jonge!

Linjaa!

Zondag gingen we met Lies en Yep naar De Pont. Dat was prachtig en daar ga ik ook nog wel wat over schrijven misschien, maar eerst dit.

Meneer K:)dootje en Yep zijn samen jarig, binnenkort weer. In de museumwinkel van De Pont vond ik een cadeautje voor hen samen. Zondag na de heerlijke door Lies bereide maaltijd (frietjes met stoofvlees) kregen de heren meteen hun cadeautje. En daar moesten we mee spelen.

Heel leuk vormgegeven, zelfs het doosje (dan heb je mij al…):

Tachtig kleine kaartjes met allerlei lijntjes erop. De kunst is een lange lijn te maken, of een gesloten vorm. Dat lijkt niet ingewikkeld, maar met nog vier andere mensen aan tafel met elk hun eigen plan blijken de mogelijkheden tot vooruitplannen beperkt. Om precies te zijn: een kaartje lang. Gemiddeld.

Het fotograferen van de grijze kaartjes met fel oranje lijnen is een uitdaging, zeker bij lamplicht. Maar goed, om het principe te demonstreren doet de foto wel dienst.

Onze ‘gesloten vormen’ bereikten nog geen grotere omvang dan zes kaartjes, de langste lijn liep over dertien kaartjes.

We speelden de variant waarbij iedereen maar een kaartje op handen heeft. Het kwam desondanks in twee potjes maar twee of drie keer voor dat iemand echt nergens kon aanleggen.

Behalve dat het mooi is vormgegeven, is het ook leuk om te spelen. Wij hebben ons in elk geval goed vermaakt, en we zijn elkaar ondanks allerlei al dan niet moedwillige sabotage-acties niet in de haren gevlogen.

Er wordt nu een logeerschema voor Linjaa opgesteld.