Walnotenschat

Onlangs werd ik lid van Velt. Lies en Yep zijn al lang lid en via hun deden we al een beetje mee. Nu maakte ik mijn voornemen waar om zelf lid te worden.

Dat bleek precies op tijd om nog mee te kunnen doen aan een van mijn favoriete activiteiten: schatzoeken!

Een aantal jaar geleden gingen we al eens met z’n vieren en Lies deed het een keer voor ons: walnoten rapen bij een historische boerderij hier in de omgeving. Er staan misschien wel dertig walnotenbomen op het terrein. En dat is wat veel voor een of twee gezinnen.

De noten zijn natuurlijk niet allemaal op dezelfde dag rijp, maar wel in een paar weken. En dan moeten ze ook meteen geraapt, want laten liggen brengt allerlei ongewensts. Dieren die hun wintervoorraad ruiken en meteen besluiten hun kamp op te slaan op het erf, met niet altijd vriendelijke gevolgen voor de rest van het buitenleven. Noten die voor zichzelf beginnen (en het aantal bomen was op zichzelf al best genoeg). Of het natuurlijke proces van teruggave aan de natuur, wat niet wel riekt, en ook weer andere ellende aantrekt. Kortom: meer dan een dagtaak voor de bewoners van de boerderij. Die ook nog eens in hun hele leven niet de hoeveelheid noten die geproduceerd wordt op krijgen, laat staan in een jaar.

Er is dus een samenwerking met Velt, waarbij de vereniging coördineert dat vrijwilligers de noten komen rapen en tegen betaling een forse portie mee naar huis mogen nemen. Aangezien onze voorraad van eerder bijna op was, meldde ik mij aan.

Afgelopen woensdag, net voor het weer omsloeg, ging ik rapen. De foto is het uitzicht dat de noot van de eerste foto had. Hij lag een beetje scheef, zien jullie dat? Hoe dan ook: geweldig uitzicht. En hoewel de dag mistig begon, was het al snel zonnig en ook warm.

Na een goede anderhalf uur hadden mijn medevrijwilliger en ik tegen de vijftig kg noten geraapt en vonden we het mooi geweest. We namen beiden onze afgesproken portie mee naar huis en kunnen er weer zeker een jaar tegen!

Terwijl we de laatste noten van een vorige editie opeten, kunnen deze nog een paar weken drogen. Inmiddels binnen, gezien het weer nu…

Voedseldroger

Het was dit jaar een heel goed appeljaar. Van Lies kregen we dan ook een flinke zak appels uit de tuin. We hebben er heerlijk van gegeten, maar konden ze niet allemaal op voordat ze slecht zouden worden. Ik leende daarom de voedseldroger van Lies, en maakte een flinke hoeveelheid gedroogde stukjes appel, en wat gedroogde schijfjes appel. Nu kunnen we de hele winter appel blijven eten.

De voedseldroger ging daarna weer terug naar Lies, want die had ook het een en ander te drogen.

Afgelopen jaren leende ik wel vaker de droger van Lies, en dat beviel altijd goed. Alleen het heen en weer verhuizen wat minder. Ik kocht mijzelf deze week zelf een droger. Eenvoudig model, bij Lidl. Vrijdag werd hij bezorgd en ik wilde er natuurlijk meteen mee spelen.

Ik maakte gedroogde gember, voor thee (bijvoorbeeld). Dat ging prima.

Dus nu droog ik winterwortel, om te snacken. En heb ik al een hele lijst met dingen die ik zou willen drogen…

Oogsten

Met de moestuin is het dit jaar droevig gesteld. Althans, dat was het tot onze vakantie. 

Vrijwel alles wat ik zaaide of plantte werd slachtoffer van slijmerig ongedierte: slakken. 

Tijdens onze vakantie heeft mijn mams de tuin de broodnodige aandacht gegeven. En een aantal nieuwe plantjes geplant. En, niet onbelangrijk, slakken gevangen. 

Zelf deed ik vanmorgen een rondje door de tuin, na een fikse regenbui. De oogst? Een emmertje vieze beesten: 

De andijvie, boerenkool, prei en bloemkool blijven nu redelijk onaangetast. Dus hopelijk kunnen we straks betere dingen uit de tuin oogsten. 

Overigens: we oogsten al lekkers ook, de bramenstruik staat op vol vermogen. 

En vijgen hebben we ook: 

Nu nog bedenken hoe ik de overvloed aan vijgen ga verwerken. 

Roze frieten!

Eerder schreef ik over de oogst van de roze aardappels. 

Eerder deze week aten we de eerste Rozeval aardappeltjes, verwerkt in een ovenschotel. Niet zo fotogeniek, met room erbij en nog zo wat. Ze waren wel erg lekker. 

Vandaag oogstte ik Al onze worteltjes:  

 Niet zo’n grote oogst dus. Gelukkig lagen er nog wat gekochte wortels en oogstte ik nog een courgette waar ik salade van kon maken. Zo hadden we toch een fatsoenlijke hoeveelheid groente per persoon. 

Bij de wortels zouden we schnitzels en aardappels eten. Maar schnitzels vragen eigenlijk wel een beetje om friet. Toch? Dus dat maakte ik. 

  Ongeschild. Dat spreekt. Mooi hè?
Eenmaal gefrituurd is de kleur wel minder fel, maar nog steeds roze:  

 Ik vind het leuk. 

Bietjes+

Ik had ook bietjes in de moestuin. Eerder al maakte ik daarmee de traditionele maaltijd bietjes, aardappels en speklapjes, maar dan op alternatieve wijze:  

 Bietjes en aardappels onder, speklapjes op het rooster. Het spek bakt overigens beter als de kolen ‘vrij’ zijn, dus de bietjes en aardappels moesten aan de kant. 

Lies haalde tijdens onze vakantie ook nog wat bietjes uit de tuin. We ontvingen bericht dat ze erg lekker waren. 

Gisteren oogstte ik de laatste. En ook die gingen op de barbecue. Maar wel in stijl:  

 Met knoflook, (verse) marjolein, olijfolie en balsamicoazijn en een beetje peper en zout. 

  Al snel verspreidde de barbecue een weldadige geur. Ahhhhh…..
  Zeebaarsfilet op het rooster toen de bietjes klaar waren en wij hadden weer een voortreffelijke maaltijd! Met nog een klein beetje stokbrood om in de saus te dopen.
En er zijn nog wat bietjes over voor een salade later deze week. Yum! Dit recept mag blijven. (Het is overigens van Jamie Oliver en komt uit het boek ‘De Naked Chef is terug’.)