Bier met een hoofdletter

Vanmiddag om een uur of twee was volgens Meneer K:)dootje een mooi tijdstip om het bier open te maken. Serieus bier: 

Hij had zelfs liever gehad dat ik het nog iets eerder op de dag had gedaan. Helaas ging dat vanwege een technisch probleempje niet door*.

Maar goed, toen het bier eenmaal uitgeschonken was en je dat ook door het hele huis rook kon ik in de auto stappen om een zeil naar de zeilmaker te gaan brengen. 

Want ja, zo’n stoofschotel moet toch minstens drie uur in de oven. Of vier zelfs, in dit geval. 

Het smaakte verukkelijk, overigens. Het recept staat in de nieuwste Allerhande, pagina 70.
*het vlees was nog bevroren, dus ik kon het niet eerder snijden.

(P)lakvingers

Vandaag begon ik de dag met feestnagels maken. 

Daarna bracht ik taart bij een vriendin die niet mag lopen (die taart van gisteren ja).

’s Middags liep ik een rondje langs de feestelijkheden met Meneer K:)dootje. Hij zit in de organisatie, dus als ik hem op Koningsdag wil zien moet ik verplicht meefeesten. 🙂

Daarna begonnen de voorbereidingen voor het eten, dat moest namelijk drie uur (!) in de oven*. 

En ik heb kennelijk talent voor het maken van dingen die er niet zo smakelijk uitzien, want het sausje zag er net voor de laatste stap zo uit: 

Gelukkig was het eindresultaat wel (weer) erg lekker: zelfgemaakte spareribs. 

Krijg je plakvingers van…

(*Gelukkig hoef je dan verder niks te doen, dus het is best ontspannen koken.)

Roze frieten!

Eerder schreef ik over de oogst van de roze aardappels. 

Eerder deze week aten we de eerste Rozeval aardappeltjes, verwerkt in een ovenschotel. Niet zo fotogeniek, met room erbij en nog zo wat. Ze waren wel erg lekker. 

Vandaag oogstte ik Al onze worteltjes:  

 Niet zo’n grote oogst dus. Gelukkig lagen er nog wat gekochte wortels en oogstte ik nog een courgette waar ik salade van kon maken. Zo hadden we toch een fatsoenlijke hoeveelheid groente per persoon. 

Bij de wortels zouden we schnitzels en aardappels eten. Maar schnitzels vragen eigenlijk wel een beetje om friet. Toch? Dus dat maakte ik. 

  Ongeschild. Dat spreekt. Mooi hè?
Eenmaal gefrituurd is de kleur wel minder fel, maar nog steeds roze:  

 Ik vind het leuk. 

Bietjes+

Ik had ook bietjes in de moestuin. Eerder al maakte ik daarmee de traditionele maaltijd bietjes, aardappels en speklapjes, maar dan op alternatieve wijze:  

 Bietjes en aardappels onder, speklapjes op het rooster. Het spek bakt overigens beter als de kolen ‘vrij’ zijn, dus de bietjes en aardappels moesten aan de kant. 

Lies haalde tijdens onze vakantie ook nog wat bietjes uit de tuin. We ontvingen bericht dat ze erg lekker waren. 

Gisteren oogstte ik de laatste. En ook die gingen op de barbecue. Maar wel in stijl:  

 Met knoflook, (verse) marjolein, olijfolie en balsamicoazijn en een beetje peper en zout. 

  Al snel verspreidde de barbecue een weldadige geur. Ahhhhh…..
  Zeebaarsfilet op het rooster toen de bietjes klaar waren en wij hadden weer een voortreffelijke maaltijd! Met nog een klein beetje stokbrood om in de saus te dopen.
En er zijn nog wat bietjes over voor een salade later deze week. Yum! Dit recept mag blijven. (Het is overigens van Jamie Oliver en komt uit het boek ‘De Naked Chef is terug’.)

Pinksterzaterdag

Zaterdagochtend. Meneer K:)dootje gaat sporten. Normaal maken we daarna de boodschappenlijstjes en maaltijdplanning (andersom natuurlijk) en doen we dan de weekboodschappen (groenteboer, kaasboer, lunch-met-tosti, slager, bakker, huis, supermarkt, huis). Deze zaterdag heeft Meneer een afspraak die maakt dat de planning en boodschappen op mijn bordje terechtkomen. Ergens in het activiteitenrijtje (waarin lunch-met-tosti deze keer geschrapt is) een plensbui zodat het bezoekje aan de supermarkt met de auto gebeurt. 
Daarna is het weer heerlijk weer dus stap ik op de fiets voor een rit door het mooie Zeeuwse landschap naar Brr en Npzss en natuurlijk neef D en nichtje N. Vanmorgen om zeven uur vroeg neef D al of Tante Jet nou kwam, want dan gingen we baarbekuwen.

Onderweg op de fiets kom ik de profs die de World Ports Classic tegen. Bijzonder om te horen, zo’n grote groep wielrenners. Bandengeruis, draaiende trappers en kettinggeratel maken bij elkaar veel meer lawaai dan ik me had voorgesteld. In een flits zijn ze voorbij. 

Aangekomen op de plaats van bestemming heb ik eerst een gesprekje met D door de brievenbus. ‘Tante Jet?’ ‘Ja?’ ‘De deur is nog op slot!’ Als ik binnen ben kunnen we wel gaan baarbekuwen. Uiteindelijk is het ook goed als we nog even op Meneer K:)dootje wachten en nog wat boodschappen gaan doen. 

Boodschappen kan op de fiets, want ik heb de mijne immers ook mee. Wel kleed ik me eerst even om in iets minder plakkerigs. Het was toch te warm voor 23 km doortrappen met lange mouwen… 

In de supermarkt bezorgen we niemand ernstige blessures met het mandje op wieltjes. Ook missen we op een haartje een flinke stapel bierglazen. We meten neef D nog even op met behulp van twee stokbroden (‘Op elkaar zijn ze groter, maar naast elkaar niet’)

Na weer een stukje fietsen (‘Tante Jet?’ ‘Ja?’ ‘Ik zie de onderkant van jouw fiets! En van jou! Daar, op de grond!’ ‘Ja, de schaduw, leuk hè?’) pakken we de boodschappen uit en mogen we alvast koken. Gehakt snijden (ja, echt), kneden, balletjes maken en in spek rollen. Nétjes naast elkaar op een bordje leggen. Knoflook snijden, peper malen, de pepermolen uitelkaar halen en weer in elkaar zetten, zout malen, de zoutmolen uitelkaar halen en weer in elkaar zetten, olie bij de knoflook doen, roeren met een lepel, roeren met een vork, vlees snijden, opschuiven voor nichtje N, vlees door de olie roeren, opschuiven voor nichtje N die de keuken even poetst, nog meer vlees roeren, folie over het bakje, bakje in de koelkast, nieuw bakje, andere dingen erin, roeren, schuiven, roeren, vlees snijden, schuiven, vlees door de ‘saus’ roeren, folie, koelkast, dag zeggen tegen Meneer K:)dootje, ‘o, er zijn toch geen satéprikkers’, garnalen tellen, knoflook persen, olie met knoflook roeren, peper malen, niet nog een keer de pepermolen uitelkaar halen, zout malen, folietje, met Ome Jejoen paprika snijden, met nichtje N garnalen één voor één in een bakje doen, kijken naar ‘heel veel stof’ in de tuin ‘o, dat is rook’, stokbrood snijden en dan even zitten en broodjes met kruidenboter of kaas eten. 

Nadat alle vleesjes en garnalen aan stokjes zijn geregen (waar Npzss nog even om was gefietst) is de baarbekuuw inmiddels warm genoeg. Eten!!!!

Na uitgebreid proeven concluderen we dat we lekker hebben gekookt. Dat vieren we met aardbeien met ijs en slagroom en hagelslag. 

Daarna is het toch echt echt écht tijd voor N en D om naar bed te gaan. Ja, echt. Het is ook snel stil…

Wij drinken nog koffie. Met spullie. En nog wat. Met knabbels. We kijken videoclips. En foute videoclips. En foute videoclips van foute liedjes. En foute suggesties van Google naar aanleiding van de foute videoclips van foute liedjes. En verzoeknummers. Nadat we zijn aanbeland bij ‘Rubberen Kaplaarzen’ wordt het tijd om op te doeken. Meneer K:)dootje frommelt mijn fiets in de auto en ik rijd de auto naar huis. Groentekat is zo blij dat we thuis zijn dat ze haar brokjes weer uitspuugt op de slaapkamervloer als we net in bed liggen. Joepie. 

Gelukkig mogen we uitslapen, Nijntje staat immers pas om tien uur 😉…

Eetgezelligheid

Regelmatig doen zich hier eetproblemen voor. Dat klinkt veel erger dan het is. Meestal bestaan de problemen uit ‘vergeten vlees uit de vriezer te halen’ of ‘teveel gekookt voor z’n tweeën’ of ‘dat is heel lekker maar kun je alleen in grotere hoeveelheden kopen’. Dit soort problemen kunnen meestal gemakkelijk opgelost worden met dezelfde oplossing: eetgezelligheid. 

Wat dat is? Gezelligheid met eten. Moeilijker is het niet. 

Hoe je dat doet? In ons geval door een eenvoudige kreet (‘Help!’) de wereld in te slingeren via het een of andere kanaal. 

Zondag ging het als volgt. Berichtje van Lies: ‘Zin in Indiaas avondeten?’. Maar natuurlijk. Nog een berichtje: ‘Maar ik heb geen toetje.’ O. Nou: ‘Wij hebben nog Délice de Bourgogne, Époisse en boeren Camembert. Is dat wat?’. Dat was wat. Vervolgens:  

‘Ik heb toch een toetje!’

En zo hadden we ineens een drie gangen diner voor vier personen met koffie met lekkers als nazit. 

 

 Indiaas.   Frans. 

Best een prima combinatie. 

Eetgezelligheid dus. 

Paasbarbecue

Hoewel we het barbecueseizoen nooit afgesloten hebben (kijk maar) hebben we het eerste paasdag wel weer geopend. Dat blijkt dus te kunnen, iets wat niet gesloten was openen. En hoe. 

   Joe was in zijn nopjes.  

  Terwijl Joe zich opwarmde genoten wij van een rijk assortiment kaas. Die met de roze spikkels is wensleydale, de favoriete kaas van Wallace. Wij begrijpen hem niet zo goed. Beetje weeïg, zoet. Gelukkig hadden we ook époisse, camembert, chaumes, délice de Bourgogne, gruyère en, eh…. Die Hollandse kaas met blauwschimmel. Vraag maar aan Lies wat dat is. 

  

Uiteraard ging de seizoensopening gepaard met de voortzetting van de competitie ‘hoe hoog gaat de kurk?’. Deze crémant de Bourgogne kwam ruim boven de dakgoot.  

 Wat we aten?  

  

 Bijgerechten. Uiteraard. 

 

Maar ook procureurlapjes,  

 lamskoteletjes zonder gepofte knoflook, merquez (zonder plaatje) en een klein stukje  

  

gerookte makreel. We hadden eigenlijk al genoeg maar wilden toch proeven. Conclusie: test geslaagd, ook makreel laat zich prima op deze manier roken. 

Na de koffie met paasdingen rolden we vol en zoet ons bedje in.  

 Dat we maar weer vaak mogen barbecuën! 

Paasbrood

Al een aantal keer maakte ik rond Pasen dit brood:  

Opgerold brood met parmaham, lekkere kaas, ei en basilicum. Een recept van Jamie Oliver uit zijn boek Happy Days met the Naked Chef.

Waarom rond Pasen? Omdat er acht (ja, 8!) gekookte eieren in het brood gaan. 

Dit jaar is Pasen nogal vol gepland met allerlei activiteiten, dus ik had eigenlijk geen plannen om het brood te maken. Meneer K:)dootje wel. Op Goede Vrijdag was er op kantoor een lunch met de stagiaires en iedereen zou wat meenemen, zo vertelde hij. Hij wilde graag dit brood maken. 

Een dag later kwam hij thuis met de mededeling dat hij donderdagavond moest werken. En de vraag hoe het dan moest met dat brood. Nou, dat maakte ik dus daarnet.

   

   En nu probeer ik me in te houden er niet alvast het mes in te zetten. En hoop ik dat er nog wat mee terugkomt morgen. 

Olijfoliecake

Met rozemarijn en mandarijn!?

Op de voorkant van het boek ‘Home Baked’ van Yvette van Boven staat een geweldige taart (cake, eigenlijk, maar wat er zo mooi uit ziet verdient het predicaat taart): 

 

Het is olijfoliecake met mandarijn en rozemarijn. U zei?

Een eenvoudig recept met een intrigerende combinatie van ingrediënten. Het leek mij een mooie begeleider voor de bespreking van ‘Boek van de doden’ van Philip Huff door onze leesclub afgelopen dinsdag. 

Het is, eh, een beetje raar om een flinke plens olijfolie met een flinke scheut suiker te mixen, maar het is het waard: ongeveer een uur later kwam er een prachtige cake uit de oven. 



Het maken van glazuur moet ik nog een paar keer oefenen…. 

Vrijwel iedereen nam nog een tweede stukje cake. Dat kan betekenen dat de stukjes te klein waren om goed te proeven, maar in alle bescheidenheid durf ik wel te zeggen dat het in dit geval echt kwam omdat het Heel Lekkere Cake was. 

Gelukkig bleef er nog wel een klein beetje over en had ik gisteren nog een stukje bij de koffie. 



Yummie!

Begonnen met roken

Op oudejaarsdag begon ik met roken.
Nou ja, eigenlijk werd het toen voor me gedaan.
Gisteren deed ik het weer, maar nu zelf.

2015/01/img_6729.jpg

Waar er vorige keer zalm op ging, was het nu kipfilet.

2015/01/img_6730.jpg
Met tijm in plaats van rozemarijn.

Ook deze keer was het erg lekker. Ik had de pittigheid van de rooksmaak wat onderschat en deed dus iets teveel peper op het vlees. Maar verder: jammie!

2015/01/img_6733.jpg

We aten er broccoli en gebakken aardappeltjes bij.