Niet wijzen

Eerder schreef ik over de hele episode met mijn duim. Wat onderzoeken, waaronder foto’s en een echo, later is nog steeds niet duidelijk wat er aan de hand is. Maar het is intussen wel bijna over.

Hoera!

Toch zat ik vanmorgen weer bij het hand- en polscentrum.

Omdat mijn rechterwijsvinger die extra aandacht kennelijk wel leuk vond en dat ook wilde. Van mij had het niet gehoeven, maar na een week of zes vakkundig negeren was het niet langer te ontkennen: het gaat niet vanzelf over.

Dus nu heb ik een nieuwe gadget: En gaan we weer verder zoeken naar wat er met mijn handen is. Intussen wijs ik even niet.

InCoWriMo 2018

Het is weer bijna februari, dus bijna InCoWriMo! Elke dag een handgeschreven brief, kaart, kattebelletje, of zoiets, een maand lang. Versturen is natuurlijk leuk, maar hoeft niet persé.

Mijn postbode is er al klaar voor!

Ik ga het weer proberen. Het is de afgelopen jaren goed te doen geweest, 28 ‘poststukken’ in even zoveel dagen. Sommige dagen geen, sommige dagen meer brieven of kaarten. Zo werkt het ook als je niet op de eerste begint: als je teller aan het eind van de maand op 28 staat is het goed.

Waarom meedoen?

Post krijgen is leuk. En brieven schrijven ook! De meeste mensen zijn het niet meer zo gewend, maar je hoeft helemaal niets officieels of serieus te melden te hebben om een brief te schrijven. Een gezellig verslag van je dag, een beschrijving van de waarnemingen in de tuin of op het balkon, je mening over het laatste boek dat je las of de film die je zag, allemaal leuk om met iemand te delen.

En delen doen de meeste mensen dat al, maar dan via Twitter, FaceBook, Instagram, of andere sociale media. Een brief is ongeveer hetzelfde, maar dan handgeschreven en zonder beperkingen aan het aantal tekens. 😉

Ik ga alvast mijn briefpapier opzoeken en mijn pennen klaarleggen. Doen jullie ook mee?

Portretfoto

Zoals bekend ben ik gek op post. Elke dag hoop ik weer dat de postbode iets brengt en check ik wel drie keer (minstens) de brievenbus. Deze week deed ik een vreugdedansje toen de postbode nog op het tuinpad liep: een dikke envelop uit Grunn!

Dankzij de beste Pic* ooit heb ik nu een nieuw portret.

Zomaar.

Met óók nog een gezellige brief erbij.

Super!

Dikke dankie Vrouw Haaksma!

Wat lijkt het goed hè?

* Partner In Crime.

Vluchtige blik

Een van mijn mede-bestuursleden vliegt. En hij nodigde ons uit voor een rondje over de haven. We zijn daar met een grote verbouwing bezig, dus leek het hem leuk dat vanuit de lucht te bekijken. Nou graag!

Het weer was goed, dus de geplande vlucht kon doorgaan. Cor en ik reden vanaf het bouwterrein samen naar vliegveld Midden-Zeeland. John berichtte dat hij vertrok van Seppe.

Na de koffie met uitzicht op het vliegtuig gingen we op pad. Op dit vliegveld wandel je gewoon vanuit het restaurant naar het vliegtuig.

Checklist afwerken.

En voordat je bij de startbaan bent nog even je vliegtuig uit de modder trekken. Gelukkig is de start- en landingsbaan wel verhard…

Na een aantal rondjes over de haven vlogen we nog een rondje over Schouwen-Duiveland. En Walcheren natuurlijk

Navigatie via de iPad

En weer een zachte landing

Na de lunch vertrok John weer naar Seppe, Cor en ik reden naar Wolphaartsdijk.

Heel gaaf, dank je wel John!

Gerimpelde mangojam

Vandaag kreeg ik van de groenteboer vijf mango’s met oma-appelwangetjes. Niet meer geschikt om te verkopen (voor hem) of te bewaren (voor mij). 

Ik had gelukkig nog wat lege potjes en kon Meneer K:)dootje in de supermarkt bereiken, dus werden de mango’s jam. 

Schillen en snijden.

Pureren met de staafmixer

Verwarmen en dan 1 minuut koken met wat geleisuiker erbij (dankzij Meneer K:)dootje dus) en:

Drie potjes jam*! 

Drie ja. Er woont er een bij Lies. 

*recept van Uit de pan van San

Wandelen

Al eerder schreef ik over wandelen. Dat doe ik nog steeds graag, maar ook te weinig. Dus nu heb ik me voorgenomen dit jaar 200 wandelingen (wandelingetjes) te maken. Minimaal een half uur, dan tellen ze mee. Ongeveer vier per week, dus.

Vandaag liep ik 2/200. Langs een paar van de (weinige) plaatsen waar het ‘stralenkunstwerk’ Gronden, van Trechter 5, nog te zien is in de bestrating.

Medaille

Ik kreeg een medaille!

Voor hardlopen nogal liefst.

De eerlijkheid gebied te zeggen dat elke deelnemer aan de kerstmannenloop van Rotaryclub Schouwen-Duiveland een medaille kreeg, ongeacht het aantal rondjes diegene liep en ongeacht het tempo waarin.

Maar: ik liep drie rondjes. Hard. Nou ja, voor mijn doen. Meneer K:)dootje liep er in minder tijd vier. Bijvoorbeeld.

Hardlopen is niet echt mijn hobby en ik had het al sinds ver voor de zomer niet meer gedaan. Ik had, vond ik, best een goed excuus: met een zere duim is jezelf één keer per dag aan- en uitkleden al niet leuk, laat staan extra wegens sporten. Om over douchen en afdrogen nog maar te zwijgen.

Gisteren kon ik er echter niet onderuit. Rotaryclub Schouwen-Duiveland is een trouwe deelnemer aan het door onze club georganiseerde evenement Veerse Valken Race. Als voorzitter van dit jaar vond ik dat ik gehoor moest geven aan hun oproep voor deelname aan hun kerstmannenloop. Dus liep ik drie rondjes. In een kerstmannenpak. Met hagel bij de warming-up. Ik vind dat ik die medaille best verdiend heb. 😉

Waar ik vandaag blij van werd

Er is genoeg waar ik niet blij van word.

Niet alleen is het helemaal niet leuk daarbij stil te staan, maar het helpt ook niks.

Ik begon daarom met elke dag iets opschrijven waar ik wél blij van werd.

En om anderen te laten weten dat er best ook leuke dingen gebeuren deel ik dat via Instagram (@k_dootje) met #waarikvandaagblijvanwerd.

Ik ga dat eens een tijdje doen. Doet er iemand mee?

Knikkeruil

Ik vond weer zó’n leuk boekje!

 Knikkeruil, van Maranke Rinck en Martijn van der Linden. 
Geweldige tekeningen en een heerlijk verhaaltje.  

De knikkers beleven spannende avonturen 😉…  Maar het loopt goed af! 

Ik word zo blij van dit soort boeken! 

En: helemaal leuk: je krijgt er nu een zakje knikkers bij als je het boek koopt. 

Vond Groentekat ook leuk… 

Indrukwekkend

Al ongeveer een half jaar hebben we op onze Rotaryclub een tafelgast: een Syrische jongeman (33 jaar) die onze bijeenkomsten bezoekt in het kader van zijn integratie in Nederland.
Een paar weken geleden vertelde hij dat hij en zijn vrouw zijn geslaagd voor hun inburgeringsexamen. Ze kunnen dus nu gaan werken. Eindelijk, zo verzuchtte hij. Hij wil heel graag zijn eigen geld verdienen.

Afgelopen maandag vertelde hij waarom en hoe hij gevlucht is uit Aleppo.

Het begon met demonstraties voor vrijheid. De regering liet op de demonstranten schieten.
Daarna werd er gedemonstreerd tegen de regering. De regering stuurde tanks om op de demonstranten te schieten.
Hoewel hij het gedachtegoed van de demonstranten ondersteunde, nam hij niet deel aan de demonstraties. Hij is tegen geweld.

Hij opende een internetcafé. Op een kwade dag reed een legervrachtwagen tot voor zijn zaak. De militairen vernielden zijn computers en zetten hem en de aanwezige klanten geblinddoekt in de vrachtwagen. Waarheen ze werden gebracht weet hij niet. Wel dat het vier verdiepingen onder de grond was. Opgesloten met elf mannen in een ruimte van een paar vierkante meter, waarbij er steeds een aantal een paar uur konden liggen, mits de rest bleef staan.

Een maand lang werd hij gevangen gehouden. Elke dag werd hij ondervraagd. En gemarteld. Omdat hij niet wilde (en kon) zeggen wat zijn klanten in het internetcafé op de computers deden.
Na zijn vrijlating lag hij vijftien dagen in het ziekenhuis. Lichamelijk en geestelijk gebroken. Steeds over zijn schouder kijkend omdat hij bang was door de regering gevolgd te worden.
Heropening van zijn zaak was haast onmogelijk, de klanten waren bang en bleven weg.

Elke dag moest hij, om van huis naar zijn winkel te komen, een straat oversteken die werd gecontroleerd door een scherpschutter van IS. Als je tijdens het oversteken iets deed wat hem niet beviel, schoot hij. Bij iemand die een sigaret vasthield tijdens het oversteken schoot hij de vingers eraf. Een paar dagen later kwam zijn boodschap: ‘dit was een waarschuwing. Roken is verboden, volgende keer schiet ik in zijn hoofd.’

Onze tafelgast wilde weg. Vertrek naar buurlanden bleek echter niet mogelijk omdat geen visa werden verstrekt.
Uiteindelijk heeft hij zijn tocht naar Europa kunnen regelen. Via de veelgehoorde kanalen: veel geld betalen voor een overtocht met een bootje wat niet berekend was op 53 mensen, bijvoorbeeld. Aan het einde van zijn reis kwam hij in Nederland aan.

Waarom Nederland? Omdat ons land hem de mogelijkheid bood zijn vrouw op korte termijn ook te laten overkomen. Geen twee jaar wachten, zoals in omringende landen, maar een half jaar. Uiteindelijk werden het acht maanden.

Het liefst zou hij zien dat de situatie in zijn land verbeterde. Dat hij terugkan om te helpen met de wederopbouw.
Voor nu is zijn, zoals hij het omschreef, ‘kleine wens’ dat hij een toekomst met zijn gezin kan opbouwen. Dat zijn vrouw en hij werk vinden en hun eigen geld kunnen verdienen en hun kindjes gezond kunnen opgroeien.

We waren er allemaal stil van.

Wat een geluk hebben wij hier toch.