Christmaspudding

Een relatief recente kersttraditie is dineren op de volkstuin op tweede kerstdag. Dat is natuurlijk geen uitgebreid zes-gangen-drie-sterren-diner, maar met de barbecue, houtkachel en klein gaspitje komen we toch een heel eind.

Dit jaar hadden we een uitgebreide kaasplank bij de borrel, daarna een heerlijke visfilet van de barbecue met op de kachel opgewarmde latkes en een koolsalade. Het toetje brachten we mee uit Engeland:

Christmaspudding met snowball curd

De pudding, de kleinste die we konden vinden want ‘machtig is nog zacht uitgedrukt’, moest garen/opwarmen door hem een half uur te stomen. Enter houtkachel.

Het duurde iets langer dan een half uur, omdat het wat tijd kostte voordat het water kookte (dat kán ermee te maken hebben dat het water een aanvangstemperatuur van net boven nul had…), maar we hadden de tijd.

Het werd een heel keurig, schattig puddinkje.

En geportioneerd, met de curd erbij, een zeer aangenaam en beschaafd kerstwaardig toetje.

Het was dan wel een van de koudste kersten die we tot nu toe op de tuin hebben gevierd, maar zeker weer een heel warme. Met maar een klein beetje hulp van thermo-ondergoed ;).

Disco deurkrans

Een krans aan de voordeur. Dat hoeft voor mij niet het hele jaar door, maar rondom kerst vind ik het wel leuk.

Toen we hier kwamen wonen maakte ik er een van kunsttakken, dennenappels, een kralenslinger en een glitterslinger. Die ging jaren mee.

Daarna maakte ik een krans van pompoms, van rode, groene en witte ‘wol’, die ik op een uit karton geknipte cirkel lijmde. Als het echt slecht weer was waaide de krans weleens om en kon iedereen de verhuisdoos bewonderen…

Inmiddels begon de pompomkrans een beetje in verval te raken. Maar ja, wat dan? Toen we onlangs in Engeland waren kocht ik bij Marks & Spencer een doos met 49 onbreekbare kerstballetjes in allerlei kleuren, met het idee daarmee ‘iets kransigs’ te doen. Op een ander moment diezelfde vakantie waren we bij Ruxley Manor. Da’s in deze tijd van het jaar een soort hemel voor kerstversieringliefhebbers.

Met alleen al rondlopen kun je volstrekt genoeg krijgen van kerst. Gelukkig gebeurde ons dat niet, en we kochten zelfs een paar dingen. Dat ze ook een zeer goed uitgeruste verswarenafdeling hebben, hielp daarbij wel.

De uitspatting die ik niet kon weerstaan was een disco-glitter-regenboog-eenhoornslinger. Of eigenlijk twee slingers. (Meneer K:)dootje vond het goed!).

De slingers gingen in de kast in afwachting van kerst, de gekleurde balletjes lagen te wachten tot ik de juiste basiskrans gevonden had. Duurde even.

En toen maakte mijn brein een gekke zijsprong, en nu hebben we een discokrans aan de deur.

Ik vind ‘m leuk.